Blog

In de praktijk wordt vaak gedacht dat wanneer een werknemer zelf zijn dienstverband opzegt, hij geen aanspraak kan maken op een ZW-uitkering. Maar dat ligt genuanceerder dan je wellicht verwacht. 

Zeker voor ZW-eigenrisicodragers kan dat voor onaangename verrassingen zorgen. Hieronder leg ik je uit hoe het kan dat de werknemer die zelf opzegt, in sommige gevallen zijn WW-recht heeft verspeeld maar toch recht heeft op een ZW-uitkering.

Benadelingshandeling

Zowel voor de WW-uitkering als voor de ZW-uitkering kennen we het begrip “benadelingshandeling”. Maar let op: bij de WW wordt de benadelingshandeling anders ingevuld dan bij de ZW. En daar ontstaat vaak de verwarring.

WW

In artikel 24 WW is geregeld dat de werknemer moet voorkomen dat hij verwijtbaar werkloos wordt. Van verwijtbare werkloosheid is sprake wanneer “de dienstbetrekking is beëindigd door of op verzoek van de werknemer”. 

Deze regel is bij de meeste mensen bekend. Op grond hiervan kan het UWV een WW-uitkering weigeren als je zelf je dienstverband hebt opgezegd.

ZW

Voor de ZW gelden andere regels. In artikel 45 Ziektewet is te lezen dat wanneer de werknemer een benadelingshandeling pleegt, het UWV de ZW-uitkering kan weigeren. Van zo’n benadelingshandeling is sprake als de werknemer instemt met de beëindiging van het dienstverband of daartegen geen verweer voert.

Uit vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep blijkt dat van zo’n benadelingshandeling alleen sprake kan zijn als de werknemer tijdens ziekte instemt met de beëindiging van zijn dienstverband (of zich daartegen niet verzet). 

Wordt de werknemer ziek nadat hij heeft opgezegd of nadat hij heeft ingestemd met de beëindiging van zijn dienstverband? Dan is geen sprake van een benadelingshandeling. En dat leidt tot bijzondere situaties.

Praktijkvoorbeeld 1

Een werknemer tekent op 2 februari 2024 een vaststellingsovereenkomst. Daarin wordt afgesproken dat het dienstverband eindigt per 1 november 2024 zodat werknemer gebruik kan maken van een vervroegd pensioen. Op 16 september 2024 meldt deze werknemer zich echter ziek.

De conclusie van de rechtbank Zeeland-West-Brabant? Geen sprake van een benadelingshandeling en de werknemer heeft vanaf 1 november 2024 recht op een ZW-uitkering. De werknemer is immers ziek geworden na het ondertekenen van de vaststellingsovereenkomst en heeft dus niet tijdens ziekte zijn loonaanspraken opgegeven. 

Deze werkgever is ZW-eigenrisicodrager en is daarmee (financieel) verantwoordelijk voor de uitkering en de re-integratie. 

Praktijkvoorbeeld 2

Een internationaal vrachtwagenchauffeur treedt op 15 maart 2015 in dienst. Op 18 maart 2015 laat hij de werkgever al weten dat hij het dienstverband wil beëindigen. De werkgever bevestigt vervolgens dat de werknemer vanaf 21 maart 2015 niet meer in dienst is.

Deze werknemer zou (in de meeste gevallen) geen recht hebben op een WW-uitkering. Maar op 16 april 2015 meldt hij zich ziek per 22 maart 2015. En vanaf die datum heeft hij wel recht op een ZW-uitkering.

Oordeel van de Centrale Raad van Beroep: ten tijde van de ontslagname op 18 maart was nog geen sprake van ziekte, zodat de werknemer niet tijdens ziekte zijn dienstverband heeft opgezegd. De werknemer heeft daarom recht op een ZW-uitkering.

Tip!

Er zijn situaties denkbaar waarin een werknemer na uitdiensttreding geen recht heeft op een WW-uitkering, maar wél op een ZW-uitkering. Als ZW-eigenrisicodrager doe je er goed aan om de tijdlijn helder te krijgen en de eerste ziektedag zorgvuldig te laten beoordelen. De volgorde waarin de dingen plaatsvonden, bepaalt namelijk of recht bestaat op een ZW-uitkering.

•    Eerst ziek en dan ontslag genomen? Meestal geen recht op een ZW-uitkering.
•    Eerst ontslag genomen en dan ziek geworden? Meestal wel recht op een ZW-uitkering.

Advies binnen handbereik
bij complexe verzuimcasussen?

Sluit nu een VeReFi Plus of Premium abonnement af
en stel jouw vragen aan één van onze experts van de Adviesdesk.

Geschreven door

Natascha Schenk, Jurist sociaal verzekeringsrecht, WVO Advocaten

comments powered by Disqus